wantijmedia wantij living in turning tides |
||
Wie wil er nou het ongeluk over zich afroepen ? Als je de naam van een schip verandert hoor je in ieder geval bij de groep mensen met een hoog risicoprofiel zo wil het verhaal. Of loopt het schip meer risico dan normaal? In ieder geval komen wij in de boeken over klassieke schepen nogal wat naamwisseling tegen. En het kenmerk van die schepen is dat ze de tand des tijds ruim hebben doorstaan en sterker nog; je komt alleen maar in die boeken terecht als je liefdevolle nieuwe eigenaar genoeg in je investeert om bij de beroemde klassieke boten te blijven horen. Met de koop van de Johanna Maria was het in ieder geval liefde op het eerste gezicht. Na een paar weken internet afspeuren was er geen boot meer die we niet hadden gezien en waren de vraagprijzen gesneden koek. Tussen al die foto’s met aanlokkelijke teksten over geschiktheid voor lange reizen was daar ineens weer die Urker Kotter. Was het toeval dat we in 2003 ook al keken naar een Urker Kotter die te koop lag in de verkoophaven bij het Hellegatsplein? Toen durfden we de knoop niet door te hakken. Motorsailers zijn duur en we wilden geen lening sluiten omdat reizen en schulden niet samen gaan. En dan ineens staan we aan dek van een Urker 3. We gaan naar binnen en gaan benedendeks even zitten. We zeggen niks, kijken elkaar aan en zwijgen. We weten zonder dat tegen elkaar te durven zeggen dat elke boot die we verder nog gaan zien het gaat verliezen. Als alle andere motorsailers zijn afgevallen starten de onderhandelingen. Die middag lopen we over de Erasmusbrug. We hebben er behoefte aan om met elkaar te praten, wijn te drinken, te eten en tegen elkaar te zeggen dat we heel verstandig hebben gehandeld. Dan word ik op mijn mobiel gebeld. “De eigenaar heeft wel moeten slikken maar heeft jullie bod geaccepteerd”. Er spookt veel door ons hoofd en het voelt in ieder geval vreselijk onwennig want we zijn de eigenaar van een Urker Motorsailer, natuurlijk onder voorbehoud van keuring. Het algemeen devies luidt immers; koop nooit een boot zonder aankoopkeuring en schakel specialisten in. |
|||||||
home |
|||||||
![]() |
|||||||
wantij |
|||||||
Seizoen 2004 - 2005 de binnenkant Onze wens om comfortabel aan boord te wonen impliceert bijvoorbeeld geen gas aan boord, een licht en kleurrijk interieur en een bestendige electriciteitsvoorziening voor ons werk met multimedia. Onderdeks is de verbouwing van de leefruimten het meest ingrijpend, daar moet alles eruit. In de voorpiek komt de slaapkamer met zoveel mogelijk kastruimte. Daarvoor een natte cel met toilet en douche. De bijkeuken daartegenover is slim ingericht met koel/vriesboxen en een bovenladerwasmachine. De kamer is zowel studio voor het werk, bibliotheek als keuken. Onder de vloer komen de vuilwatertanks, de Flojet waterpomp voor de watervoorziening en de Jabscopomp voor de afvoer. Ook liggen onder de vloer de electiciteitsdraden en de leidingen van de Webasto-verwarming. En dan de puzzel in de machinekamer waar alle gel-accu's, de generator -Whisper 8, de Mastervolt omvormer, de Isotherm boiler en de Webasto-verwarming een plek krijgen bij de Ford Lehman motor. Het achteronder blijft vooralsnog even buiten de verbouwing, dat is een latere klus. |
||
![]() |
||
Om de waarheid te zeggen blijkt dat in ons geval achteraf twijfelachtig. Lekkages in de stuurhut, een generator die onherstelbaar kapot gaat na een uurtje gebruiken en een ondeugdelijk elektriciteitsnet. Dit valt allemaal niet onder de aansprakelijkheid blijkt achteraf. In de jachthaven van Drimmelen gaat de Urker uit het water. Daar hangt ze in de kraan te glimmen. Nergens roest, 6 milimeter staal en prachtig onderhouden. Een plaatje. De man die keurt vindt niets en heeft een onbetekenend lijstje aan opmerkingen over gas en de datum van de brandblussers.
In de zomer van 2004 varen en ankeren we veel op de Grevelingen in Zeeland. De grote vraag is of de Johanna Maria echt geschikt is voor waar we van dromen; leven en werken op de boot, zwervend langs de kusten van Europa en Afrika ; living in turning tides.
We besluiten dat het schip dan wel een ingrijpende refit moet krijgen, van binnen comfortabel en van buiten veilig.
En de Johanna Maria krijgt een nieuwe naam : Wantij.
Johanna Maria wordt Wantij
Aankoop en plannen : voorjaar-zomer 2004
In de badkamer is het toilet, de douche en een wastafel. Het blad is van corian met een gegoten wasbak.
De binnenkant, inclusief de vloer, is bekleed met wit epoxy, uiteraard met een afvalputje voor het douchewater.
De douche heeft een waterbesparende douchekop van Grohe.
Het toilet is electrisch en al het hang- en sluitwerk is van roestvrijstaal.
De stuurhut is ook onze woonkamer en het enige wat daar verandert is de navigatieapparatuur, de meest moderne op dat moment bouwen we in.
Een Raymarine plotter en GPS-marifoon uit de E-80 serie, een stuurautomaatsysteem, wind- en dieptemeter en Furono Navtex.
Om de ruimte benedendeks zo efficient mogelijk te gebuiken hebben we de kopse kanten van de kamer gebruikt voor de keuken. Aan de linkerkant van de trap is het kookgedeelte, aan de rechterkant het aanrecht. De keukenelementen zijn op maat gemaakt van roestvrijstaal. De laden zijn vaarproef en de wasbak is diep.
Koken doen we keramisch en er is een magnetron/hete luchtoven. Als opbergruimte zijn aan beide zijden ronde hoekkastjes en schuifkastjes gemaakt. Ook is de afscheidingswand tussen het kookgedeelte en de studio gemaakt als blok met heel veel laatjes.
Naast het aanrecht, in een geluidsdichte kast, is de Schenker modular electron 60 watermaker geplaatst. Onder het kookgedeelte zijn een paar grote ruimten waar onder meer de broodbakmachine een plaatsje heeft gekregen.
De verbouwing is nog niet klaar als we eind juni 2005 in Kats het water in gaan en de boot naar de haven van Barendrecht varen.
In deze marina ligt de Wantij de winter van 2005/2006.
In juni 2006 verhuizen we definitief naar de Wantij, de boot is nu niet alleen meer een project, het is ook ons huis. Die zomer wonen we aan de Oude Maas.
Het schip wordt volledig gestraald en krijgt een epoxylaag afgewerkt met een twee-componentenlak en een antifoulinglaag.
We besluiten de romp van de Wantij zwart te maken, met witte letters en biezen. De naam en onze thuishaven komen in opgelaste letters op het schip te staan.
Om de zeil- en vaareigenschappen van de Wantij te verhogen is het staand want compleet vernieuwd, de houten masten krijgen een behandeling. Voor al het lakwerk van het schip gebruiken we Tonkinois, een lijnolie met siccatief. Al het beslag voor de gaffeltuigage is nieuw en van roestvrijstaal.
De blokken zijn waar functioneel van hout. Ook installeren we een aantal Andersen 28S lieren om het hijsen van het gaffeltuig makkelijker hanteerbaar te maken.
In januari 2007 is het straal-, schilder, timmer en laswerk voltooid.
In april 2007 zijn de zeilen klaar. Het nieuwe lopend want wordt gemonteerd inclusief de Profurl rolfok en de rolkluiver.
Omdat het achterdek en ook het voordek behoorlijk veranderen besluiten we een houten teakdek te laten leggen. Tevens blijkt dat het dak van de stuurhut niet sterk genoeg is voor de geleiders van het grootzeil, ook daar komt een nieuw dak op.
De bestaande met de hand te draaien ankerlier op het voordek vervangen we door een electrische Condor ankerlier die we ook vanuit de kuip of de stuurhut kunnen bedienen.
We betegelen de keuken en de salon wordt verder ingetimmerd. Als basismateriaal hebben we gekozen voor berkenmeubelplaat met mahonie als afwerking.
De bank en de bibliotheek worden ingebouwd met plaats voor een aardige zeebibliotheek en alle pilots. Onder en achter de bank is opbergruimte voor spullen die we niet dagelijs gebruiken.
Ook de studio krijgt vorm met een breed werkblad voor de Mac voor het monteren en fotobewerking en met een computer voor de navigatie. Onder het blad is veel opbergruimte.
Met de bouwtekening van Martijn van Schaik als leidraad maken we ook afspraken met een werf voor het straal-, las- en timmerwerk, met de tuiger, de mastenmaker en een zeilmaker.
Eind oktober 2004 varen we de Wantij naar Kats vlakbij de Oosterschelde en gaat het schip op de kant.
De planning is dat de hele verbouwing begin mei 2005 afgerond kan zijn.
In de herfst van 2006 varen we naar Bruinisse waar de Wantij de kant opgaat.
Seizoen 2006- 2007 de buitenkant
De buitenkant ondergaat een metamorphose. Onze ervaring met het varen leert dat de achterkant van het schip onveilig is. Dit lossen we op door een verhoogde achterand waarmee tegelijkertijd een prachtige achterkuip ontstaat me veel zit- en bergruimte.
Het stuurwil plaatsen we tegen de stuurhut zodat buiten en binnen sturen mogelijk blijft.
Het voordek kan aanmerkerkelijk ruimer door de bakskisten onder de voorramen van de stuurhut te plaatsen. Hierdoor ontstaat als het ware een "tussendek" tussen de grote mast en de stuurhut.
Het voorjaar van 2007 wonen we tussen de mosselvissers in de haven van Bruinisse aan het Zijpe.
Hier maken we de plannen voor de start van onze zwerftocht : Voorjaar 2009 naar het Zuiden
Voorjaar 2007
De Wantij gaat het water weer in, klaar om te gaan varen op het grote water.
wantij